Vaak hoor je om je heen dat het leven veel makkelijker is als kind. De -helaas- schrijnende gevallen daargelaten; het leven is ook veel simpeler. Meegaan met de flow, dansen in de winkel, ruzie maken met broers/zussen over wie de funnies in de hagelslag mag, geen rekening die betaald moet worden, gewoon aanschuiven voor het eten en de was wordt voor je gedaan.

De natuurlijke nieuwsgierigheid van een kind kan voor onverwachte en hilarische situaties zorgen. Vragen waar geen einde aan lijkt te komen. Irritant als je doodmoe bent, maar eigenlijk volkomen logisch. Wat is het dan ook jammer dat er aan veel vragen een einde komt, wanneer het kind meer volwassen wordt.

Ineens krijgt het woord ‘taboe’ een lading. De jonge kinderen worden pubers en daarmee ineens een stuk zelfbewuster. Hormonen krijgen een grotere rol en de gevoeligheid voor uiterlijk neemt toe. Er wordt steeds meer moeite gedaan om “cool” over te komen.

Ook als volwassene is dat zelfbewustzijn een ding. Begrijp me niet verkeerd; bewust zijn van de eigen zelf geeft iemand de mogelijkheid tot zelfreflectie, inzicht en verantwoordelijkheid. Daarentegen zijn er ook steeds meer normen en waarden geautomatiseerd. Het zij door een bepaalde (sub)cultuur, het zij door de eigen mening. Hetgeen waarover gepraat wordt valt daar ook onder. Er wordt vrijwel altijd geprobeerd ergens bij te horen.

Door ergens bij te willen horen, betekent ook automatisch dat er veel zaken niet “normaal” heten. Praten over sommige onderwerpen ligt ineens gevoelig. Zo lees je wel eens verhalen van ouders die zich kapot schamen als hun kind aan iemand zonder been vraagt waar dat gebleven is…?

Het opvallende is vaak, de persoon in kwestie vindt het helemaal niet erg om daar antwoord op te geven. Het is hun realiteit. Doen alsof het er niet is, staat indirect gelijk aan dat deel van hen ontkennen.

Het ideaalplaatje van sterker, sneller, beter, mooier, is allang achterhaald. Steeds meer mensen met een beperking of kwetsbaarheid, beginnen zich uit te spreken; eisen om gehoord te worden! Natuurlijk is het logisch om niet van elk onderwerp de nodige kennis te hebben, en zullen vragen aanvankelijk oppervlakkig zijn. Echter, het begin is er.

Stigmatisering zal blijven bestaan. Het is utopisch om te denken dat we allemaal onbevangen kunnen samenleven. Zo werkt de wereld helaas niet; er zijn altijd mensen die misbruik van situaties en anderen blijven maken. Laten we daarentegen ook niet als Atlas meteen het hemelgewelf op onze schouders nemen. Taboes zullen blijven; wanneer de ene muur is geslecht, komt altijd een volgende.

Begin daarom klein, zonder meteen een oordeel klaar te hebben. Blijf bij jezelf. Soms mag je ook gewoon geen mening hebben of iets niet weten, dat is niet raar. Laat die kinderlijke nieuwsgierigheid wat meer toe, en vraag! Ook al is het misschien een taboe of ongemakkelijk onderwerp; juist door ernaar te vragen wordt het veel bespreekbaarder. Natuurlijk is het even aftasten in hoeverre iemand iets over het onderwerp kwijt wil, maar stel je open en laat je verrassen. De mooiste gesprekken vinden spontaan plaats.